Waarom Obama Haarlem nooit bezocht heeft

afbeelding van René van Stekelenborg René van Stekelenborg Aantal keren gelezen: 1,751 Historie

Stel, je bent de eerste zwarte president van Amerika, ’s-werelds machtigste natie. En je kondigt aan dat je Nederland gaat bezoeken. Wat moet de president dan meekrijgen van Nederland, onze economie, onze cultuur en onze waarden en normen?

Met die vraag werd een tijdje terug ook de redactie van De Wereld Draait Door opgezadeld. Zodoende ontstond een item in het veelbekeken programma waarin de vrije uurtjes van de president in Nederland zouden worden ingeruimd voor cultuur. En, dat moest enerzijds teruggrijpen naar de persoonlijke interesses van Obama en anderzijds een link hebben met de ‘founding fathers’, de ‘pilgrims’ en de rol van Nederland bij de totstandkoming van de Verenigde Staten.

Omdat iedereen een kans rook om zich met de komst van Obama extra te profileren, werd ik gebeld door een pr-mevrouw van ABN-AMRO met de vraag of de Amerikaanse president iets wilde doen met de in het slop geraakte bancaire sector. Iets met de AEX, de internationale rol van De Nederlandsche Bank en onze bindingen met Wall Street, Amerikaanse investeringsmaatschappijen, etc, etc. ,,Als Obama met zijn geniale speeches ons een hart onder de riem kan steken, dan is dat voor ons publicitair een geweldige opsteker!’’. Ze prevelde nog iets over globale leningen voor de internationale wapenhandel, iets met Mees & Hope en het feit dat koning Willem I de eerste was die een nationale bank oprichtte, ver voordat de Federal Reserve in Amerika een feit was.
Tja, hoe kon ik dat alles ombuigen naar een leuk cultureel uitje voor de beste president in Amerika die wij in Nederland nooit zullen krijgen? Ik had wat huiswerk meegekregen.

Vervolgens had ik een gesprek met een allround communicatiestrateeg die zich al jaren bekommert om het imago van de BV Nederland. Hij probeert al jaren het oubollige karakter van ons polderlandje om te buigen. Nee, we lopen hier niet op ‘wooden shoes’ rond. Nee, ‘Frau Antje’ is niet de zus van Wim Lex. Nee, we gaan niet met zijn allen elke vrijdagavond het weekend inluiden op de Wallen en nee, we hebben niet allemaal een medicinaal achtertuintje met geestverruimende middelen.
Bovendien moet je oppassen met ons glorieuze verleden als VOC-concern, zeg maar de eerste multinational ter wereld. Iets houdt me tegen om niet van de daken te schreeuwen dat wij Nederlanders geen doorvoerland zijn maar een natie van plunderaars en slavenhandelaren. Het ligt gevoelig.

Dan kunnen we maar beter vragen of Wim Pijbes van het pas verbouwde Rijksmuseum de president een persoonlijke rondleiding wil geven langs Rembrandt, Vermeer en de vrolijke drinker van Frans Hals! Tja, da’s de veilige weg, dat is de grootsheid van Nederland en het sluit aan op de persoonlijke interesse van Obama. Tenminste, ik geloof dat hij weet dat de ‘Nightwatch’ in Amsterdam hangt. Dat is hem ingefluisterd door nazaten van zijn ‘inglorious bastards’.

Moeten we op staatkundig vlak dan niet iets verzinnen wat aansluit op onze eeuwenlange goede betrekkingen? Ik stelde paviljoen Welgelegen in Haarlem voor. ,,Ben jij gek?’’, schreeuwde ’s lands grootste communicatiegoeroe het uit: ,,we zitten middenin een losgeslagen zwarte pietendiscussie en jij komt aanzetten met een bezoekje aan het provinciehuis van Noord-Holland dat gefinancierd is met slavengeld? Dat gaat het fotomomentje van het jaar niet worden, geloof me! Ga vooral geen slapende honden wakker maken!’’

De professional van het ministerie van Algemene Zaken vatte voorts in een notendop de oorsprong van paviljoen Welgelegen in Haarlem samen. Ene Henry Hope jr. werd in Boston geboren. De telg stamde af van een geslacht dat afkomstig was uit Engeland en Schotland en als koopmannen handelshuizen in Rotterdam en Amsterdam hadden opgezet. Hope & Co groeide in Amsterdam uit tot spilspeler van de commissiehandel; het uitvoeren van transacties in effecten door de commissionair in effecten op eigen naam, doch in opdracht en voor rekening van derden te laten zetten. Betaling en krediet geschiedde door middel van wissels; schriftelijke betalingsopdrachten vrij van naam en datum. Dankzij goede reputaties van de Amsterdamse handelshuizen en de muntstabiliteit van de gulden kreeg Nederland met Hope & Co een goede internationale positie op de financiële wereldmarkt.
Opeens schoot de pr-mevrouw van ABN-AMRO door mijn hoofd. Nu begreep ik waar zij naartoe wilde om de goede naam van de banken te redden.

Zo verrichtten zijn ooms Thomas & Adrian tijdens de Zevenjarige Oorlog (1756-1763) troepenbetalingen (en bevoorradingskosten, dus ook munitie) voor de regering in Londen op het continent en plaatste de firma tevens een deel van de Britse staatsleningen. Tevens deed Hope & Co tijdens de jaren vijftig van de achttiende eeuw mee met de hausse in leningen op onderpand van plantages in het Caribische gebied. Hope liet zich in met wat de koloniale driehoekshandel genoemd werd. Hij financierde dat Britse goederen naar Afrika verscheept werden, dat Afrikaanse slaven naar de West getransporteerd werden en verkocht en dat suiker, rum en tabak vanuit het Caribische gebied terugkwamen met de eerste trans-Atlantische stoomschepen naar Bristol. Hope wist dat hij geld verstrekte voor Britse handel in Nottingham, Bristol en het Amerikaanse New Hampshire, Hudson en Massachusetts die eigenlijk het daglicht niet konden verdragen.

De macht van de firma maakte het indrukwekkende bedrijfscomplex van woonhuizen, pakhuizen en kantoren tussen Prinsengracht en Keizersgracht bij het Molenpad tot een bezienswaardigheid voor toeristen.

In 1780 nam Henry Hope de leiding van de firma over en stuwde het bedrijf tot een indrukwekkende expansie langs de eerder uitgezette lijnen. De grootschalige goederenhandel voor (anonieme) derden bleef de kernactiviteit, daarnaast groeiden het emissiebedrijf sterk, met in 1768 de eerste van een reeks Zweedse leningen, gevolgd door een Spaanse in 1782. Tussentijds plaatste de firma leningen voor de Poolse koning, allerlei Poolse en Duitse vorsten, en voor de Franse regering (brutaal om amper 15 jaar na de Zevenjarige Oorlog zowel Engeland als Franrijk leningen te verstrekken!). Van de populaire leningen aan de jonge Verenigde Staten hield Hope & Co. zich afzijdig, mogelijk uit sympathie voor Groot-Brittannië.

In 1788 wist Henry Hope het vertrouwen te winnen van tsarina Catharina de Grote. Zo bemachtigde hij de klandizie van de Russische regering, die voorheen werd behandeld door het Amsterdamse huis R. & Th. de Smeth. Het was het begin van een langdurige relatie: tot diep in negentiende eeuw bracht Hope & Co. als exclusieve hofbankier zeer omvangrijke Russische leningen op de markt. In deze jaren evenaarde het balanstotaal van de firma dat van de befaamde Amsterdamse Wisselbank met een bedrag van omstreeks 25 miljoen gulden, waarmee Hope & Co. waarschijnlijk veruit het grootste Europese handelshuis van zijn tijd was.

Als bekendste bankier van zijn tijd onthaalde Hope internationale grootheden als de Amerikaanse politicus en wetenschapper Benjamin Franklin en de Zweedse theoloog en mysticus Emanuel Swedenborg op vorstelijke wijze bij hem thuis in het door hem verbouwde paviljoen Welgelegen te Haarlem. Hij verschafte ook bijzonderheden over de Amsterdamse markt aan de filosoof en econoom Adam Smith voor diens beroemde An inquiry into the nature and causes of the wealth of nations (1776). Deze bedankte Hope hiervoor door in 1786 de vierde druk van zijn boek aan hem op te dragen.

In nauwe samenwerking met de koopman en bankier Francis Baring lukte het Hope om, ondanks de turbulente tijdsomstandigheden, Hope & Co. zijn eersterangs positie in de internationale handels- en bankwereld te laten behouden. Die steunde mede op de grote zorg die de firmanten besteedden aan het behoud van een onbesproken reputatie en het beredderen van leningen die ze hadden gearrangeerd. Een absoluut hoogtepunt vormde in 1803 de door de Baring-Hope tandem georganiseerde 6% lening waarmee de Verenigde Staten Louisiana - ruwweg het gebied bewesten de Mississippi - van Frankrijk kochten, de zogeheten 'Louisiana Purchase'.

Een deel van zijn fortuin stond Hope nog bij zijn leven af. In 1802 schonk hij bijvoorbeeld 'Welgelegen' aan zijn adoptiekind John Williams (Hope) en diens gezin. Desondanks resteerde er bij zijn overlijden in februari 1811, op 76-jarige leeftijd, nog een vermogen van naar zeggen 1 miljoen pond, wat neerkwam op ruim tien miljoen toenmalige guldens. Met Hope's dood kwam er een einde aan de band tussen familie en firma. Zijn erven en de andere firmanten verkochten het bedrijf aan Alexander Baring. Deze zou, na het vertrek van de Fransen, samen met drie andere bankiers in 1814 Hope & Co. in Amsterdam heroprichten.

,,Doet die naam ‘Baring’ je ergens aan denken? 1814? Zegt je dat wat?’’ lispelde de communicatieman. ,,Kennen we Nick Leeson nog? Hij was de jonge Barings Bank-medewerker die tegen de regels in grote speculatieve transacties deed op de Nikkei-index. Hij blies eigenhandig de bank op met een verlies van 1,4 miljard dollar, twee keer zoveel als het volledige handelskapitaal van de bank. Als we nu Obama gaan linken aan het feit dat het DNA van Barings door een Nederlandse bankier is bepaald, dan ga je als president van Amerika tijdens de grootste globale financiële crisis niet vol trots het paviljoen Welgelegen verdedigen. En, dat Hope en Baring aan de wieg staan van De Nederlandsche Bank die uiteindelijk in 1814 door koning Willem I is opgericht, daar mag je met de kennis van nu twijfels bij hebben.
Kijk jongen, als belangrijkste Europese bankier van zijn tijd bouwde Henry Hope een formidabel bedrijf op dankzij zijn vermogen om met uitgelezen medewerkers grote en complexe internationale transacties voor een scherpe prijs tot stand te brengen. De zorg die de firma daarbij aan haar producten besteedde stelt hedendaagse navolgers in een pijnlijk licht. Maar, wie de tijdlijn van zijn acties een beetje in de gaten houdt, ziet dat Henry Hope nooit terugschrok van handelskansen. Van maatschappelijk verantwoord ondernemen had nog nooit iemand gehoord. Bankiers waren en zijn graaiers waar het kapitalisme blind op gaat. Genoeg is nooit genoeg. En dus at hij van alle walletjes. Hij financierde Engeland én Frankrijk, hij financierde de slavenhandel in de West ten koste van Amerikanen als Lincoln en hielp ten koste van Engeland Amerika aan een heel duur Louisiana waarmee hij het onderste uit de kan haalde voor Frankrijk.
Ik krijg niet de indruk dat ik Obama en zijn beste raadgevers een bezoekje kan laten brengen aan een huis dat symbool staat voor het wankelende kapitalisme en het opportunisme waar we nu mee kampen. Bovendien wil ik niet nogmaals de fout begaan om onze eigen president iets te laten murmelen over onze rijke handelsgeest en uitstapjes naar de West. Dat gaat verkeerd vallen bij alle kleurlingen in de wereld. En dus ook bij Barack Obama.’’

En dus zal geen enkele Amerikaanse democraat als president ooit een bezoekje brengen aan Haarlem. Zoveel was me duidelijk. Als promotor van ons stadje moeten we onze kansen afwachten. Wellicht voelt Donald Trump als toekomstige president zich geroepen om het paviljoen eens te bezoeken. Hij zou erachter komen dat hij in denken en doen verdacht veel overeenkomsten vertoont met Henry Hope. Maar ja, of wij muggen daar nu op zitten te wachten? 

Leave a comment.

afbeelding van René van Stekelenborg
René van Stekelenborg
Ik ben een Haarlemse aandachttrekker. Niet voor mezelf, maar voor anderen. En dat doe ik via mijn 'aandachtsfabriek' voor ondernemingen, instellingen, organisaties, freelancers, kunstenaars, architecten, vormgevers en koekenbakkers die een verhaal te vertellen hebben of wat willen verkopen. Liefst via de media vragen ze om aandacht voor hun product of dienst. Als Neerlandicus met een (bedrijfs-)journalistieke achtergrond denk ik te weten hoe ik met verhalen in een passende tone-of-voice de nieuwsgierigheid kan opwekken en de aandacht kan vasthouden.

Ontvang iedere week een gratis verhaal!

Laat je inspireren door de beste schrijvers en ontvang de nieuwste verhalen per mail!
Geef je op en je krijgt wekelijks een gratis verhaal opgestuurd.

 

Ja, dat wil ik wel   Of bestel het magazine

Het podium voor jouw verhaal

De Verhalenmakers is een sociale onderneming met als belangrijkste doel: bijdragen aan verbinding.

Wij bieden een podium voor verhalen, schrijvers en professionals omdat we geloven in de kracht van storytelling.

Ben je een schrijver of wil je graag schrijven?
Meld je aan!

Twitter

RT @JetPeep: Wat moet een stadse puber nu op het Franse platteland. Saai? Integendeel. Lees zijn avontuur https://t.co/JjsrpPC1w5 https://t…
De Verhalenmakers (4 years ago)
Tnx @CarienTouwen voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd op https://t.co/UX4u38lwNw. Kom maar door met die mooie verhalen!
De Verhalenmakers (5 years ago)
Tnx @HaarlemseZaken voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd. Kom maar door met die mooie verhalen! https://t.co/12HeDI8DRf
De Verhalenmakers (5 years ago)
Yes! https://t.co/ytcegbvBAv
De Verhalenmakers (5 years ago)
Mooi begin van een nieuw #verhaal https://t.co/6aPxB6LDjH
De Verhalenmakers (5 years ago)

@social #media

Contact

De Verhalenmakers

info [at] verhalenmakers.com
of ga naar de contactpagina