Gedachten de vrije loop laten

afbeelding van René van Stekelenborg René van Stekelenborg Aantal keren gelezen: 4,561 Spanning

In tweede instantie herbergde het stadhuis van Haarlem de meest rare snuiters die zichzelf wilden afzonderen van de waan van alledag. Eigenlijk vroegen ze de gemeente om hen in bescherming te nemen omdat ze anders tot zaken in staat waren die het daglicht niet konden verdragen en de maatschappij mogelijkerwijs schade zouden kunnen toebrengen. Het is dat de draaideur nog uitgevonden moest worden anders hadden de armlastige, ongelukkige dames en heren zich vast zelf bestempeld tot Hollands eerste draaideurcriminelen.

Retraite
Zo werden ze bezien, beschouwd en beschimpt. En, juist om in alle afzondering hun zonden te kunnen overdenken en om de rust en de tijd te nemen om aan zichzelf te werken konden zij gratis en voor niets hun intrek nemen in de vochtige donkere krochten van de Grafelijke Halle aan het Zand op de Markt. Types als Malle Babbe maar ook Adriaen van Ostade, de leerling-schilder van Frans Hals hebben veelvuldig gebruik gemaakt van wat zij ‘de vrije loop’ noemden om zichzelf af te zonderen van de pestkoppen in het harde, zakelijke bestaan van de Noord-Hollandse hoofdstad. Naar verluid heeft Van Ostade in de krochten van het Stadhuis geleerd portretten te schilderen waarmee hij jaren later in Amsterdam furore maakte. Zijn fascinatie voor afschuwwekkende, ruwe en lelijke karakterkoppen van in vodden gehulde boeren en dorpelingen die hij in de kerkers van Haarlem tegenkwam, maakte dat Van Ostade zich maar wat graag liet ‘opnemen’. Bovendien kon hij volop experimenteren met lich-donker-contrasten die Rembrandt zo beroemd hadden gemaakt.

Brutaal beulwerk
In eerste instantie waren de kerkers van het Stadhuis natuurlijk wel de zwartgallige isoleercellen van het gerechtsgebouw die ook in het voormalige jachtslot van de Graven van Holland huisvestten. Al honderden jaren was het pand aan de Markt niet alleen het politiek-bestuurlijk centrum van Haarlem waar besluiten werden gemaakt. Er werd recht gesproken en vonnissen werden direct voltrokken. De vochtige en donkere vertrekken werden volgepropt met boventuig dat zijn zonden, geketend aan een houten achterwandje, mocht overdenken. Criminelen van hoog en laag allooi waren overgeleverd aan de nukken en grillen van de beulen van Haarlem. Die op hun beurt weer een reputatie hadden opgebouwd die ver voorbij de stadsgrenzen reikte. Dat kwam niet in de laatste plaats door het eerder genoemde houten achterwandje. Een beul kon namelijk op elk gewenst moment van de dag met een steekwapen tussen de spijlen van de wand een gevangene tot op het ruggenmerg tergen en zo belastende verklaringen ontlokken zonder dat iemand op de Markt er maar iets van kon merken. Alsof folter- en martelpraktijken op zich al niet erg genoeg waren, kon een beetje beul vanuit het niets opdoemen en de gevangene bij wijze van verrassing ondervragen. In het donker draaiden van elk geluidje, elke piep of kraak de gevangenen dan ook helemaal door. Bij elke muis of rat, en daarvan krioelde het, die een gevangene hoorde stak de paranoia de kop op. Tel daar het geluid van afbrokkelend steen, gekraak van de steunbalken, de werking van het ijzerbeslag en het gedrup door lekkages bij op en de beul hoefde niet veel meer te doen dan slechts af en toe zijn opwachting te maken. Een gemoedelijke nachtrust of een ‘powernap’ zat er voor de ‘inmates’ niet in.
Eeuwen later zou W.F. Hermans’ Donkere kamer van Damocles direct verwijzen naar de erbarmelijke toestand van de kerkers in Haarlem onder het toeziend oog van vrouwe Justitia op de gevel van het stadhuis. De meningen daarover lopen tot op de dag uiteen.

Graven van Holland
Holland telt slechts twee ridderzalen. De Oude Zaal in Haarlem en de ‘nieuwe’ ridderzaal in Den Haag waar onze Koning elk jaar op Prinsjesdag nog steeds de Troonrede voorleest. De Graaf, gesteund door de Bloemendaalse brouwersfamilie Van Tetrode verplaatste zijn zetel naar het dorpje ’s-Gravenhage uit gierigheid. Hij schonk zogenaamd privileges in ruil voor geld of soldaten. Sowieso wonnen de Hollandse steden aan macht. De inkomsten namen toe door verschillende opbloeiende handeltjes. Het feodale stelsel had zijn langste tijd gehad.
De graaf van Holland werd dus machtiger ten koste van de Duitse en Franse koningen. In de 11e en 12e eeuw was Haarlem de hoofdstad van de oude gouw Kinheim of Kennemerland. In het jaar 1245 toen Haarlem stadsrechten kreeg, pakte de Graaf van Holland zijn biezen.
De eerste Graven van Holland, zoals graaf Floris IV, waren behalve grootgrondbezitters ook eigenaar van kastelen in en rondom Haarlem, Leiden, Delft en Dordrecht. Floris wilde een ridderzaal in een bos vlakbij een duinmeertje, de huidige hofvijver in Den Haag. De familie Van Tetrode (of Tetterode) verhuisde met de graaf mee.

De Bourgondische monarchie
Vanaf het jaar 1380 komt de relatie tussen hoge en lagere heren en het volk vast te liggen in het feodale stelsel, een leenstelsel dat ontstaat wanneer de macht van de koningen afneemt. Uit de leenmannen ontstond een ridderstand.
Bij het aanleggen van dijken door de graaf van Holland ontstaan waterschappen die de dijken moeten onderhouden. Met deze waterschappen ontstonden de eerste bestuursorganen die de kiem hebben gelegd voor onze Nederlandse consensus-traditie, oftewel de wil om tot elkaar te komen in beslissingen waarmee beide partijen kunnen leven.
Als in 1253 Willem II, koning van Duitsland én graaf van Holland sneuvelt bij Hoogwoud tegen de opstandige Friezen is het einde van het Hollandse gravenhuis in zicht. Als 43 jaar later enkele edelen zijn zoon Floris V die de God van de boeren werd genoemd bij het Muiderslot vermoorden, is het definitief gedaan met de Graven van Holland. Tegelijkertijd verwierven steeds meer steden in Holland en Zeeland stadsrechten. 
Tot het einde van de 15de eeuw strijden steden en ridders om de macht. Aan het gewelddadig getouwtrek komt een einde wanneer de Staten-Generaal ontstaat. Een vertegenwoordiging van adel en steden besturen Bourgondië, Brabant / Limburg en Henegouwen / Holland / Zeeland het land. De eerste zitting was in 1463 in Brugge. Pas in 1585 scheidde noordelijk Nederland zich af en begon de Tachtigjarige Oorlog.

Van graaf als persoon naar bestuurlijk orgaan
Na het afzetten van Filips II werd geprobeerd buitenlandse edelen te strikken als heer van Holland c.q. de Nederlanden. De hertog van Anjou werd gevraagd, net als Elizabeth 1 van Engeland die ene Robert Dudley stuurde, de graaf van Leicester. Het was geen succes. De Staten-Generaal besloten daarop tijdelijk, en later permanent, de Nederlanden zelf te besturen. Het gevolg hiervan was dat de grafelijke macht uitgeoefend werd door het Hof van Holland of de Raad van Holland. Dit Hof moest formeel gezien het bestuur uitoefenen namens de graaf bij zijn afwezigheid en werd voorgezeten door diens plaatsvervanger ofwel stadhouder. De graaf was nu permanent afwezig. De 'graaf' was nu een college geworden in plaats van een persoon. In het buitenland baarde dit nogal eens opzien, te meer omdat de collegeleden burgers waren en geen edelen.
Opmerkelijk is dat in 1584 er een document is opgesteld om de grafelijke rechten aan prins Willem van Oranje aan te bieden. Hij werd echter vlak voor de geplande datum van verheffing vermoord.
En hoewel pas in 1648 Filips IV, de zoon van Filips II officieel de Republiek der Verenigde Nederlanden erkende, had Haarlem al bijna zestig jaar een democratiseringsproces doorlopen waarbij het centrum van de macht een bestuurlijk orgaan was van burgers. Net voor de eeuwwisseling moet het idee zijn ontstaan om de rechterlijke macht ver weg te houden van het stadhuis en haar bestuur. De graaf als persoon bestond niet meer dus het idee dat in naam van de graaf vonnissen werden voltrokken en gevangenen in eigen kerkers werden gefolterd en gemarteld, was impopulair geworden. Liever greep men terug naar de bourgondische monarchie en dus ondergingen de cellen en kerkers van Haarlem een ware metamorfose. Wie zich geen plek in een hofje kon verschaffen die was welkom om in ‘de Vrije Loop’ zich te onttrekken aan zijn/haar harde alledaagse bestaan om de gedachten te verzetten en zich te bezinnen. Noem het een eerste versie van bed, bad en brood of in de lijn van de familie Van Tetterode; een retraite met bier voor de allerarmsten onder ons.

De Vrije Loop
In elk geval is ‘de Vrije Loop’ nu bekend geworden als gezegde. Even de gedachten de vrije loop laten stamt dus af van de gastvrije en barmhartige functie die de kerkers van Haarlem onder het Stadhuis hadden. Vondel refereerde in zijn Gijsbrecht van Aemstel als een van de eersten aan de gratis opvangplek voor degenen die het net wat moeilijker hebben in de maatschappij.
Ten onrechte zou het gezegde een Frisisme zijn dat verwant is aan: ‘de touwen laten vieren’ wat is afgeleid van een draaiende katrol waarop het ankertouw gewonden is. De touwen afwinden en dus niet tegenhouden staat gelijk aan de teugels bij het paardrijden laten vieren en dus datgene toestaan om ruimte te bieden.
De Vrije Loop is gekozen als een welkomstwoord waarbij helder moest zijn in woord en gebaar dat het stadhuis onderdak bood aan iedereen die dat wilde. Deze gedachte sloot dan ook naadloos aan op de oorspronkelijke functie van het stadhuis als jachtslot van de graaf waar hij ieder jaar een groot feest organiseerde en de buitgemaakte herten omtoverde tot een feestelijke dis. Destijds noemden de Haarlemmers dit terugkerende evenement Hertjesdag dat in de loop der eeuwen is verbasterd tot hartjesdag dat nog steeds gevierd wordt op elke derde maandag van augustus in Haarlem, Bloemendaal en delen van Amsterdam.
Barmhartigheid overwint tenslotte alles.

Leave a comment.

afbeelding van René van Stekelenborg
René van Stekelenborg
Ik ben een Haarlemse aandachttrekker. Niet voor mezelf, maar voor anderen. En dat doe ik via mijn 'aandachtsfabriek' voor ondernemingen, instellingen, organisaties, freelancers, kunstenaars, architecten, vormgevers en koekenbakkers die een verhaal te vertellen hebben of wat willen verkopen. Liefst via de media vragen ze om aandacht voor hun product of dienst. Als Neerlandicus met een (bedrijfs-)journalistieke achtergrond denk ik te weten hoe ik met verhalen in een passende tone-of-voice de nieuwsgierigheid kan opwekken en de aandacht kan vasthouden.

Ontvang iedere week een gratis verhaal!

Laat je inspireren door de beste schrijvers en ontvang de nieuwste verhalen per mail!
Geef je op en je krijgt wekelijks een gratis verhaal opgestuurd.

 

Ja, dat wil ik wel   Of bestel het magazine

Het podium voor jouw verhaal

De Verhalenmakers is een sociale onderneming met als belangrijkste doel: bijdragen aan verbinding.

Wij bieden een podium voor verhalen, schrijvers en professionals omdat we geloven in de kracht van storytelling.

Ben je een schrijver of wil je graag schrijven?
Meld je aan!

Twitter

RT @JetPeep: Wat moet een stadse puber nu op het Franse platteland. Saai? Integendeel. Lees zijn avontuur https://t.co/JjsrpPC1w5 https://t…
De Verhalenmakers (4 years ago)
Tnx @CarienTouwen voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd op https://t.co/UX4u38lwNw. Kom maar door met die mooie verhalen!
De Verhalenmakers (5 years ago)
Tnx @HaarlemseZaken voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd. Kom maar door met die mooie verhalen! https://t.co/12HeDI8DRf
De Verhalenmakers (5 years ago)
Yes! https://t.co/ytcegbvBAv
De Verhalenmakers (5 years ago)
Mooi begin van een nieuw #verhaal https://t.co/6aPxB6LDjH
De Verhalenmakers (5 years ago)

@social #media

Contact

De Verhalenmakers

info [at] verhalenmakers.com
of ga naar de contactpagina