Citymarketing

afbeelding van René van Stekelenborg René van Stekelenborg Aantal keren gelezen: 1,677 Historie

Als je op de Grote Markt aan een willekeurige Haarlemmer vraagt wat Haarlem nu zo bijzonder maakt, dan hoor je vaak dat onze stad 10 minuten van Amsterdam, 10 minuten van de bollen en 10 minuten van het strand af ligt.

Is 10 minuten afstand de core-business van onze citymarketing? Zijn wij verschillend van Almelo omdat bij ons de verkeerslichten nooit op groen springen? Zijn wij niet een klein-Amsterdam omdat hier relatief de grootste groep Feyenoord-supporters van Noord-Holland woont? Zijn we de enige top 12-gemeente zonder voetbalclub in de eerste en/of eredivisie? Of is Haarlem gewoon een stille getuige van onze Gouden Eeuw, een retraite voor journalisten en arrivé-BN’ers die dichtbij onze nationale luchthaven willen wonen maar net zo makkelijk de bescherming genieten van ons Koningshuis. Immers, 15% van ons bruto nationaal product woont in en rondom Haarlem. Het zijn de economen, bankdirecteuren, ceo’s en politici die zich verschuilen achter hoge heggen tussen Haarlem en de duinen.

Zwaar beschermd
Hoe het nu zit met koning Willem weet ik niet. Maar, toen Bea nog koningin was, had Haarlem een stiekem maar ruim plekje in haar hart. Uiteindelijk was Haarlem de hoofdstad van de provincie Noord-Holland en de Gedeputeerden resideerden hier. Het geld en de postzegels kwamen hier vandaan en ik kan me nog herinneren dat Beatrix om de zoveel tijd polshoogte kwam nemen van het loden torentje van de Appelaar. Het torentje waar nu de onderdoorgang is van terras naar het Gerechtsgebouw. Dat was háár torentje dat werd beheerd door ING Vastgoed. En, dat moest gerenoveerd worden, want er zat houtrot in de houten stellage waardoor het kenmerkende torentje ineen dreigde te storten.
Verder hield Bea de nieuwe landingsbaan op Schiphol in hoogsteigen persoon tegen, omdat er weleens een gevaar kon ontstaan dat laagvliegende vliegtuigen pal boven Haarlem en omgeving zouden kunnen crashen. In haar ogen had ’t een culturele en sociaal-maatschappelijke ramp tot gevolg die voor de BV Nederland helemaal niet welkom was.

Vrouwenhofjes en herenakkoordjes
Dat Prins Bernhard nog voordat hij zijn vermeende stadhoudersbrief naar Adolf Hitler zou sturen, voorgesprekken had met Duitse legerleiders in Café Brinkmann en er dus nog een zweem van oorlogsmystiek rondom de kroeg op de Grote Markt hangt, dat zou Bea, historisch gezien, worst wezen. Dat Willem Bilderdijk nog boven het café heeft gewoond en feitelijk beschouwd wordt als de leraar van de zoon van Lodewijk Napoleon, onze echte eerste koning van Nederland, dat wist Bernhard. Vandaar dat hij het Haarlemse Grand Café als locatie uitkoos.
In latere tijden startte Maxima in het stadhuis haar multiculturele debatten op. En, Bea kwam jarenlang als voorzitter van het Interprovinciaal Overleg met gierende banden de stad ingereden. Ook ten tijde van crisisberaad bijvoorbeeld na de brand in het cellencomplex op Schiphol en na de moord op Theo van Gogh.

Nederland in het klein
Wat Haarlem zo Haarlems maakt is dat de stad al sinds jaar en dag een perfecte afspiegeling is van onze Nederlandse maatschappij. Haarlem is eigenlijk Nederland in het klein. Zonder multinationals, zonder ’n echte vernieuwende identiteit, maar wel met een grote bek en een klein hartje. In principe is iedere vreemdeling Hugenoot en dus welkom binnen onze stadsmuren. Onze taal is ons ding en dat is wat ons nog bindt. Wen er maar vast aan!
Haarlem is een graadmeter. Wanneer de muggen boos worden en gaan formeren, dan weet je dat er onvrede heerst en dat je dekking moet zoeken. Dat Haarlem een van de weinige steden was na de gemeenteraadsverkiezingen van 1990 die een vertegenwoordiger van CP’86 in de raad kreeg, was voor de landelijke politiek aanleiding om zich te wapenen.

MKB-mentaliteit en spruitjeslucht
Haarlem is een stad die groot geworden is dankzij het midden- en kleinbedrijf, de retail en de horeca. Wanneer het even tegenzit in de omzet, dan is het klagen niet van de lucht. Wat dat betreft zijn we net Chinezen. Maar, we vinden het gekneuter van een poppendokter of een winkel van Sinkel eigenlijk ook wel weer heel charmant. Net als iedere (dagjes-)toerist. Nog steeds, en dat er op retailgebied nog altijd volop reuring is, dat moeten we blijven koesteren. Want, als we als Haarlem overgeleverd worden aan projectontwikkelaars en makelaars van buiten onze stad, dan verworden we tot een soort Assen, Zoetermeer of Almere waar uiteindelijk niemand blij van wordt.

Kracht van de overdrijving en overlevering
Wat verder typisch Haarlems is, is dat we onze verhalen maken en zelf aandikken. In een stad met relatief veel journalisten op de vierkante meter is dat best bijzonder. Dus, als je met je gouden integraalhelm op, staat te dj-en, dan denkt half Haarlem tot op de dag van vandaag dat het écht Daftpunk was dat de Botermarkt opluisterde tijdens Haarlem Jazz.
Eenieder die ooit een teug haarlemmerolie naar binnen heeft gewerkt, die weet dat het nergens goed voor is. De overlevering doet echter heel anders vermoeden.
En wie daadwerkelijk snapt dat Kenau Simonsdochter Hasselaer het scheepsbouwbedrijfje van haar vader overnam en slechts de manschappen van Oranje faciliteerde in ruil voor een beter en hoger aanzien, die laat het wel uit zijn hoofd om haar een heldenrol in het verzet toe te dichten. Afijn, zo vloog Fokker niet honderden rondjes boven de Bavo, was Hannie Schaft niet de echte naam voor wat de pot schaft en liep Coster ook maar goede sier te maken met andermans uitvindingen.

Maakt niet uit. We kunnen het mooi zeggen, mooi verhullen en mooi omschrijven. En, dat is nou precies waarom Verhalenmakers zo’n tof initiatief is. Waar of niet?

Leave a comment.

Leve de Stadsiconen!
Leve de Stadsiconen! Want in een stad zonder iconen wil niemand wonen. Ontdek vanaf 21 december in het ABC Architectuurcentrum in Haarlem, Groot Heiligland 47, tegenover het Frans Halsmuseum wat stadsiconen doen voor het beeld van een stad. Wat dragen ze bij? Hoe zorg je ervoor dat herkenning omslaat in stadse trots? En, waarom doen we dat eigenlijk? Bepaal zelf welke stadsiconen Haarlem rijk is en waarmee we de buitenwereld laten weten waarom Haarlem een bezoekje waard is.
afbeelding van René van Stekelenborg
René van Stekelenborg
Ik ben een Haarlemse aandachttrekker. Niet voor mezelf, maar voor anderen. En dat doe ik via mijn 'aandachtsfabriek' voor ondernemingen, instellingen, organisaties, freelancers, kunstenaars, architecten, vormgevers en koekenbakkers die een verhaal te vertellen hebben of wat willen verkopen. Liefst via de media vragen ze om aandacht voor hun product of dienst. Als Neerlandicus met een (bedrijfs-)journalistieke achtergrond denk ik te weten hoe ik met verhalen in een passende tone-of-voice de nieuwsgierigheid kan opwekken en de aandacht kan vasthouden.

Ontvang iedere week een gratis verhaal!

Laat je inspireren door de beste schrijvers en ontvang de nieuwste verhalen per mail!
Geef je op en je krijgt wekelijks een gratis verhaal opgestuurd.

 

Ja, dat wil ik wel   Of bestel het magazine

Het podium voor jouw verhaal

De Verhalenmakers is een sociale onderneming met als belangrijkste doel: bijdragen aan verbinding.

Wij bieden een podium voor verhalen, schrijvers en professionals omdat we geloven in de kracht van storytelling.

Ben je een schrijver of wil je graag schrijven?
Meld je aan!

Twitter

RT @JetPeep: Wat moet een stadse puber nu op het Franse platteland. Saai? Integendeel. Lees zijn avontuur https://t.co/JjsrpPC1w5 https://t…
De Verhalenmakers (4 years ago)
Tnx @CarienTouwen voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd op https://t.co/UX4u38lwNw. Kom maar door met die mooie verhalen!
De Verhalenmakers (5 years ago)
Tnx @HaarlemseZaken voor de publicatie over de #verhalenwedstrijd. Kom maar door met die mooie verhalen! https://t.co/12HeDI8DRf
De Verhalenmakers (5 years ago)
Yes! https://t.co/ytcegbvBAv
De Verhalenmakers (5 years ago)
Mooi begin van een nieuw #verhaal https://t.co/6aPxB6LDjH
De Verhalenmakers (5 years ago)

@social #media

Contact

De Verhalenmakers

info [at] verhalenmakers.com
of ga naar de contactpagina